Naar de navigatie

Bewoning bij de vuursteenmijnen

Tot nu toe zijn vooral de vuursteenmijnen van Rijckholt bij St.-Geertruid en de vuursteen zelf onderzocht. Het door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed geïnitieerde onderzoek richt zich nu vooral op de omgeving van de vuursteenmijn omdat daar allerlei activiteiten verwacht mogen worden. Activiteiten die samenhangen met bewoning, bewerking van vuursteen en rituele activiteiten.

We brengen die activiteiten in kaart en dragen ze na een waardering voor voor bescherming. We nemen daarin ook de terreinen mee die al een Archeologische Monumenten Kaart-status hebben. We verwachten met deze gebiedsgerichte benadering een ensemble van monumenten te krijgen waarbij activiteiten geïntegreerd bewaard kunnen blijven.

Achtergrond en inhoud

Het onderzoek naar de omgeving van de vuursteenmijnen is opgenomen in de samenwerkingsovereenkomst tussen Staatsbosbeheer en de Rijksdienst. Met het onderzoek willen we de aard, omvang, ouderdom en fysieke kwaliteit van de archeologische verschijnselen in de omgeving van de vuursteenmijnen van Rijckholt vaststellen. Op grond van de uitkomst van het onderzoek doen we aanbevelingen om gebieden in de omgeving in aanmerking te laten komen voor wettelijke bescherming, inrichting en beheer. En dat kan er toe leiden dat Nederland met de vuursteenmijnen en de omgeving ervan een monument ter beschikking krijgt van internationale allure.

Weerstandsmetingen
Daarnaast ontwikkelen we in het onderzoek methoden en technieken die het mogelijk maken op basis van oppervlaktevondsten, archeologische gegevens uit booronderzoek en de opbouw van de ondergrond uitspraken te doen over activiteiten in de omgeving van het mijnencomplex. We proberen met weerstandsmetingen de mijnschachtmondingen op te sporen en testen daarna of de resultaten van de prospectieve methoden door andere methoden van archeologisch onderzoek ondersteund worden. We zetten voor het onderzoek verschillende methoden en technieken in. Bijvoorbeeld de inventarisatie van bestaande collecties, oppervlaktekarteringen, booronderzoek, geofysisch onderzoek, kleine proefputjes en proefsleuven.

Conservering van vindplaatsen
Op basis van de bevindingen in de eerste drie jaar hebben we nu een beeld van de ligging en conservering van verschillende typen vindplaatsen. In het zuiden van het onderzoeksgebied zijn onder andere aanwijzingen gevonden voor een verdedigbare nederzetting. Een zogenaamd aardwerk. En in het zuidoosten vonden we aanwijzingen voor een tweede mijngebied met de daarbij behorende plaatsen waar de vuursteen is bewerkt. In 2011 moet gericht gravend onderzoek uitwijzen of daar ook daadwerkelijk sprake van is.
De conservering van de vindplaatsen is op basis van de huidige stand van onderzoek goed te noemen.

Projectleider

J. Deeben, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Betrokkenen

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in samenwerking met amateurarcheologen, studenten van verschillende universiteiten, studenten van de hogeschool Deventer en vrijwilligers vanuit de professionele archeologie.

Planning

2008 – 2013