Naar de navigatie

Financiering gemeenten

Op gemeentelijke niveau zijn er lokale subsidieregelingen en is er bij ruimtelijke ontwikkeling de mogelijkheid om behoud, bescherming en ontwikkeling van cultureel erfgoed te financieren vanuit de grondexploitatie op basis van de (GREX-wet). Daarnaast is er bij nieuwe ontwikkelingen vaak sprake van PPS-constructies met daarbinnen concrete afspraken over onder meer de financiering van maatregelen rond het cultureel erfgoed. Behalve op basis van een PPS kunnen er ook afspraken rond de financiering worden vastgelegd in convenanten, contracten en exploitatieovereenkomsten.

Grondexploitatiewet (Grex)

De Grondexploitatiewet (Grex) maakt deel uit van de Wro en Bro. De Grex regelt de financieel technische en juridische kanten van de grondexploitatie en alles wat direct of indirect met grondexploitatie en locatieontwikkeling te maken heeft. Deze wet is een instrumentarium dat nodig is voor kostenverhaal, verevening en het stellen van locatie-eisen bij locatieontwikeling.

Als het plan (o.a. bestemmingsplan, omgevingsvergunning, of een wijzigingsplan) ontwikkelingsgericht is en er kosten voor de gemeente zijn, dan dient de gemeente ook een exploitatieplan op en vast te stellen. De gemeenteraad moet het exploitatieplan tegelijk vaststellen met het plan dat het bouwen mogelijk maakt. Hiermee kan de gemeente grondexploitatiekosten die worden gemaakt voor de realisatie van bouwplannen, verhalen. Indien het kostenverhaal anderszins verzekerd is, bijvoorbeeld via de gronduitgifte of door middel van een anterieure overeenkomst, is het vaststellen van een exploitatieplan niet nodig.

Rechts kunt u de handreiking Grex-wet  en de handleiding Exploitatieplan downloaden.

De door de gemeente of provincie te verhalen kosten zijn opgenomen in de kostensoortenlijst van het Bro. Ook de kosten voor cultureel erfgoed zijn opgenomen in deze kostensoortenlijst. De onderzoekskosten die gemaakt moeten worden om archeologische en andere cultuurhistorische waarden te bepalen, kunnen meegenomen worden in de exploitatieopzet van het exploitatieplan en de anterieure overeenkomst. Dit geldt ook als cultureel erfgoed als een (bovenwijkse) voorziening of als een ruimtelijke ontwikkeling in de zin van de Grex is aan te merken. Voorbeeld hiervan is het herstel van een park of van landschapselementen, wat als cultureel erfgoed aan te merken is. Een ruimtelijke ontwikkeling dient overigens in een structuurvisie opgenomen te zijn. Het meenemen van cultuurhistorische aspecten in de grondexploitatie staat nog in de kinderschoenen, maar de basis is er.

Een voorbeeld is de ontwikkeling van het Nuon terrein in Apeldoorn waar cultuurhistorie is meegenomen in de grondexploitatie (pagina 24).