Al twee decennia is het in ons land gemeengoed om ter bescherming van (te verwachten) archeologische waarden voorschriften op te nemen in het bestemmingsplan. Dit systeem werkt naar tevredenheid en is met de inwerkingtreding van de Maltawetgeving (Wamz) inmiddels gecodificeerd.
Net als voor andere 'beperkingen' in het bestemmingsplan geldt ook voor de archeologie dat er een beroep gedaan kan worden op compensatie voor planschade. De eigenaar van een onroerend goed kan een dergelijk verzoek bij de gemeente indienen op grond van artikel 6.1 Wro. Tot zover bekend heeft dit nog nooit geleid tot schadeclaims.
Recent heeft dit onderwerp echter veel aandacht gekregen. Onderzoek van de gemeente Steenwijkerland heeft volgens deze gemeente aangetoond dat het risico op planschade als gevolg van het borgen van archeologie in het bestemmingsplan hoog is. Recentelijk stuurde de gemeente Steenwijkerland daarover een brief aan minister Cramer en minister Plasterk. De gemeente acht het risico zo groot dat de uitvoering en daarmee de vaststelling van het bestemmingsplan in het geding is.
De vraag is echter of het risico inderdaad zo groot is. In de ramingen van de gemeente wordt weinig of geen rekening gehouden met aspecten als:
- voorzienbaarheid van de schadeoorzaak
- het normaal maatschappelijk risico en
- het aspect van (passieve) risicoaanvaarding
Omdat er geen gevallen van vergoeding van zogenoemde planschade bekend zijn met betrekking tot archeologie is het ook niet mogelijk om een juiste inschatting van de hoogte te maken. Duidelijk is wel dat het weglaten van bepalingen ter bescherming van archeologische waarden uit het bestemmingsplan geen optie is. Hiermee wordt immers niet voldaan aan de wettelijk vereisten van de Maltawetgeving.
Als mogelijk oorzaak van het hoge risico wordt door de gemeente Steenwijkerland op de nieuwe planschaderegeling ex artikel 6.1 Wro gewezen. Deze zou ongunstiger uitvallen dan het oude artikel 49 WRO. In de antwoordbrief die Minister Cramer (mede namens Minister Plasterk) aan de gemeente Steenwijkerland heeft gestuurd geeft zij aan het artikel 6.1 Wro nog een kritisch te bezien en zonodig met voorstellen te komen.
